Maankalveren

een leesavontuur in vijftig scènes
dat je kan volgen

Der Ritt über den Bodensee

Onze Chevy kroop centimeters voorbij de Torino. Het zag er naar uit dat we het niet zouden gaan halen. Dit was het dus. Zo zag het einde eruit. Remmen, een harde knal, een draai door de lucht, een plons in zee, nog een paar tellen bewustzijn die samen met luchtbellen in het water verdwijnen en zwart, aftiteling en klaar.

Het duizelde me. Deze M was een goedkope zielenjager, niet van het hogere, maar van de beneveling. Hij bracht geen schitterend rijngoud maar borrelend bruin, dat verwarmd wordt op een lepel boven een aansteker. De spuit inhaleert het gif en ademt het in een ader weer uit. Dat was zijn duivelse mist, daar financierde hij zijn anarchistische uitstapjes mee. 

1. Der Ritt über den Bodensee

1. Der Ritt über den Bodensee

Onze Chevrolet schudde onder de luchtdruk van een langsrazende vrachtwagen. Met mijn voeten op het dashboard, onderuit op de bijrijdersstoel, kon ik nog net de Atlantische Oceaan zien. De horizon lag mooi recht op de zeespiegel. In het oosten kierde een streep ochtend...

Lees meer

Het Ding

‘We voelen ons allemaal misplaatst, overbodig en ongeliefd. De mensen daarbuiten en wij hier ook. Met één heel groot verschil.’ M sprak zijn woorden langzaam en uitdrukkelijk uit, hij spelde ze. 

‘Wij weten het. Wij komen er voor uit. Wij draaien er niet omheen. Wij tonen onszelf zoals we zijn, met etterende builen, zweren en al. Wij aanvaarden het manke beest in onszelf. We weten waar het is, wie het is en koesteren zijn gewonde hart. Dat is de ware revolutie, de ware vrijheid. 

Komende scènes:

4. Het Ding

Eigenlijk zijn we allemaal vroeggeboortes, imbecielen, gehandicapten. We slepen met een been of hebben een rare tik. We begrijpen niet wat anderen zeggen, of wat ze willen. We zijn allemaal blind, doof en lam. 

5. Der Fliegergeneral

Alles stond in brand. Ze zwierde met me, zong de aanvalszang van de Walkuren, heiaha há, heiaha há, jehááá, jehááá. Het licht drong diep in ons door, ontvlamde in vurige banen. We glansden, we straalden eeuwig licht. 

6. Nachtwacht

Het pistool schietklaar, een prachtig mechaniek. Het gebeurt allemaal binnenin, net zoals in een mensenhoofd, het lijkt onvoorspelbaar maar aan het einde ploft er toch iedere keer een kogel uit; de uitkomst is altijd hetzelfde. 

Een kabouter op de dakrand

‘Even rust nu. Ervaar het moment,’ zei Siggy. ‘Voel je hoe stroperig en saai je normale leven is. Hoe je eigenlijk niet leeft. Adrenaline stroomt door je lichaam. Je hart begint te kloppen alsof het nu pas zijn functie krijgt. Angst, woede, overlevingsdrang. Allemaal gratis en voor niks.’

Siggy speelde met mijn evenwicht, trok me naar zich toe en liet me weer zakken. Ik kon niets. Ik stond al te veel op het muurtje om terug te kunnen en ik had Siggy’s hulp nodig om helemaal over te stappen. Het was zaak om rustig te blijven. Ik moest hem zijn plek gunnen.

De koekjesfabriek

Door de bovenste ramen van de boekhouding kon ik nog net de bovenkant van de schoorsteen zien. Een wolk lag er windstil achter. Langs de ladder van de schoorsteen, half door de klimopbegroeïng zag ik iets bewegen dat traag naar boven ging als een luiaard. Het draaide weg, verschool zich, en draaide meters hoger in het zicht boven het groen uit. Er klom iets de ladder op en ik wilde het niet zien. Ik wilde niet weten wat het was. ik wilde niet weten wie het was.

Het Domijn

Nog een keer ketste de scheepstoeter over het water. De spreeuwen in de bossages naast het kanaal vlogen op en tekenden grafische rondes tegen de ochtendhemel. De eerste stralen licht schoten boven de horizon. Duke zwaaide uitbundig met zijn armen en wees naar het zijkanaal vlak achter de brug. Het schip wijzigde inderdaad zijn koers. Duke juichte met zijn armen omhoog en sprong van blijdschap. Hij stond vol in de zon, boven op de boogbrug.

‘M is gekomen. Hij heeft woord gehouden. Hij is werkelijk de verlosser!’